Klacht bij klachtencommissie tegen politieagent kan geen laster opleveren

Een klacht die bij een klachtencommissie van de politie tegen een politieagent wordt gedaan, kan geen laster opleveren, ook al klopt de klacht niet. Dat is de conclusie van een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 30 november 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5168.

De verdachte heeft op 12 maart en 25 maart 2013 e-mails aan de klachtencommissie van de politie, eenheid Amsterdam, verstuurd. Daarin beklaagt zij zich onder andere over het politieoptreden van 10 maart 2013 dat plaatsvond naar aanleiding van een melding van geluidsoverlast. Daarbij zou aangeefster [verbalisant], als buurtregisseur werkzaam bij de politie (hierna: [verbalisant]) een rol hebben gespeeld. Ook doet de verdachte daarin haar beklag over andere vermeende (onoirbare) ambtshandelingen van [verbalisant] en over het feit dat [verbalisant] niet over de voor haar vak vereiste papieren zou beschikken. Tot slot maakt zij in die berichten gewag van eigenschappen die [verbalisant] al dan niet zou hebben en roept zij op het – in de ogen van de verdachte overlastgevende – optreden van [verbalisant] te laten stoppen. Bij het één en ander heeft zij de in de tenlastelegging opgenomen bewoordingen gebezigd.

Het ging om de volgende teksten:

bij mail van 12 maart 2013 en/of 25 maart 2013 aan de klachtencommisssie van de Politie Amsterdam (zakelijk weergegeven) meegedeeld, dat [verbalisant] voornoemd:

o Op een avond toen zij, verdachte, niet thuis was het slot van haar, verdachtes, huis heeft uitgeboord, en/of

o (vervolgens) van alles heeft vernield, en/of

o Haar (verdachtes) viool heeft gestolen, en/of

o In huizen inbreekt, en/of o steelt, en/of o geld aanneemt van drugsdealers, en/of

o corrupt is, en/of

o het dossier van haar, verdachte, heeft volgekalkt met laster en leugens, en/of

o haar, verdachte, stalkt, en/of

o spullen uit haar, verdachtes, huis heeft gestolen, en/of

o Roddelt en liegt over personen in de wijk, en/of

o Opzettelijk over haar, verdachte, loog, en/of

o Een hetze tegen haar, verdachte, is begonnen, en/of

o Te werk gaat als een Nazi ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, en/of

o Net de Klux Klux Clan is, en/of

bij mail van 2 januari 2014 aan het beslaghuis van de politie Amsterdam (zakelijk weergegeven) meegedeeld, dat:

o in april 2013 team 4 onder leiding van [verbalisant] in haar (verdachtes) woning zou hebben ingebroken, en/of

o team 4 Rivierenbuurt onder leiding van [verbalisant] en Hoogenstein de afgelopen jaren vele overtredingen en misdaden jegens haar, verdachte, heeft begaan, en/of

o [verbalisant] haar, verdachte uit haar les-auto heeft gerukt, en/of

o [verbalisant] opdracht heeft gegeven om haar, verdachte, te slaan en te schoppen tot zij, verdachte, bewusteloos was,

Geen laster

Het hof stelt voorop dat de inhoud van de e-mails buitengewoon kwetsend is voor [verbalisant], temeer omdat (ook het hof) nog niet eens van een begin van aannemelijkheid is gebleken voor de aantijgingen die de verdachte in haar richting heeft gedaan. Voor een bewezenverklaring van ‘laster’ of ‘smaad’, zoals in deze zaak aan de verdachte is ten laste gelegd, dient echter komen vast te staan dat de verdachte heeft gehandeld met het kennelijke doel aan de inhoud van haar e-mails ruchtbaarheid te geven.

Onder ‘ruchtbaarheid geven’ als bedoeld in artikel 261 van het Wetboek van Strafrecht moet worden verstaan ‘het ter kennis van het publiek brengen’. Met zodanig publiek is een bredere kring van betrekkelijk willekeurige derden bedoeld (Hoge Raad 8 juli 2008, NJ 2008/430).

Naar het oordeel van het hof is niet komen vast te staan dat de verdachte het kennelijke doel heeft gehad dat meer personen op de hoogte zouden raken van de vermeende onoirbare ambtshandelingen en (dis)kwalificaties van [verbalisant] dan alleen de functionarissen die verantwoordelijk waren voor de behandeling van klachten tegen politieambtenaren c.q. de afhandeling van inbeslaggenomen goederen, en in elk geval niet het (bredere) publiek in evenbedoelde zin.

Gelet hierop kan niet worden bewezen dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan laster of smaad, zodat zij van het onder 1 ten laste gelegde moet worden vrijgesproken.

< Terug naar Strafrecht
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden